LUCHTWEGAANDOENINGEN, EEN PROBLEEM VOOR DE VOLKSGEZONDHEID
Allergie is volgens de WGO(Wereldgezondheidsorganisatie)1 wereldwijd de vierde belangrijkste chronische aandoening en is dus een belangrijk volksgezondheidsprobleem.
Vaak verergert de ziekte aangezien meer dan 40% van de gevallen van allergische rinitis evolueert naar allergische astma7. Luchtwegallergieën verminderen dan ook aanzienlijk de levenskwaliteit van de patiënten en hebben een belangrijke impact op hun sociaal en beroepsleven.
STALLERGENES, WERELDLEIDER INZAKE SUBLINGUALE IMMUNOTHERAPIE
Stallergenes is een biofarmaceutisch laboratorium gespecialiseerd in allergeenspecifieke immunotherapie en is vandaag wereldleider op het gebied van sublinguale immunotherapie met sinds 2000 een gemiddelde jaarlijkse groei van 14%.
Stallergenes wilt patiënten helpen met een ernstige vorm van luchtwegallergie die onvoldoende onder controle is met symptomatische behandelingen en ze een doeltreffende oplossing bieden om hun ziekte te behandelen en te controleren.
Jaarlijks hebben bijna 500.000 patiënten baat bij de behandelingen van het laboratorium, die de progressie van de ziekte remmen1 en het risico van astma verminderen2.
Innovatie behoort tot het patrimonium van Stallergenes. Om aan de behoeften van de patiënten te voldoen maakt Stallergenes gebruik van een specifieke knowhow en herinvesteert het jaarlijks meer dan 20% van de omzet in O&O.
Sinds 1992 ontwikkelt de groep een belangrijke therapeutische oplossing: de sublinguale behandelingen (onder de tong aan te brengen oplossingen).
Vandaag engageert Stallergenes zich opnieuw met een immunotherapeutische behandeling in tabletvorm voor een gebruiksvriendelijkere behandeling. Deze farmaceutische specialiteiten vormen een nieuwe therapeutische klasse.
Als belangrijke marktspeler heeft Stallergenes zich tot doel gesteld samen met de professionele zorgverleners de behandeling van ernstige luchtwegallergie verder te ontwikkelen en de levenskwaliteit van allergiepatiënten blijvend te verbeteren.
1 Vervloet D. et al. Consensus et perspectives de l'immunothérapie spécifique dans les maladies allergiques. La Lettre (Supplément à la Revue Française d'Allergologie et d'Immunologie Clinique) 1997; 37 (2): 4-5.
2 Bauchau V. et al. Epidemiological characterization of the intermittent and persistent types of allergic rhinitis. Allergy. 2005: 60: 350-353
3 Demoly P. Les allergies. Arnaud Franel Éditions, 2001.
4 Bousquet J. et al. Allergic Rhinitis and its Impact on Asthma (ARIA).Allergy. 2008: 63 (Suppl. 86): 8–160
5 White P. et al. Symptom control in patients with hay fever in UK general practice: how well are we doing and is there a need for allergen immunotherapy? Clinical. And Experimental Allergy, 1998; 28:266-270
6 Jacobsen L. Allergy 1997;52: 914-20.Moller C. et al. JACI 2002; 109:251-256.
7 Bousquet J, Lockey RF, Malling HJ. et al. Allergy 1998; 53
8 Pajno GB. et al. Prevention of new sensitizations in asthmatic children monosensitized to house dust mites by specific immunotherapy. Clin Exp Allergy. 2001 Sep;31(9):1392-7.